Backpackers in de bush

   “Ik ga me maar wat water drinken.” zegt Carly aan het begin van onze hike. Dat is het plan. We gaan ons door de tocht heen eten en drinken. We beginnen met ieder 6 liter water, 1,5 liter Gatorade en alle maaltijden voor onderweg en eten en drinken de kilo’s van onze bepakking af. Eerst moeten we de 2,5km naar het begin van de route afleggen. Er zou een voetpad langs de snelweg zijn, maar ineens lijkt het pad op te houden. Zijn we nu al de weg kwijt? Toevallig staat er een jongeman met navigatie in zijn auto. Volgens de navigatie zijn we 300m voor de Explorer Tree, ons begin. Hij zou ons wel een lift willen geven, maar de auto is vol omdat hij zijn hond heeft meegenomen. Op supertempo leggen we de 300m af langs de razende auto’s. Dan kan ons avontuur echt beginnen!

We staan aan de start, klaar om er voor te gaan!

We beginnen enthousiast pratend aan de Nellies Glen afdaling door het regenwoud. Het is mistig en alle planten zijn nat. Al snel wordt het supersteil en lopen we verder in stilte. De auto’s horen we al niet meer, alleen maar het neerploffen van onze voeten. Als we even stilstaan voor een slok water zegt Carly: “Mijn benen nemen heel mijn brein in beslag.” Zo was het precies. Geconcentreerd lopen zodat je niet naar beneden tuimelt over de flinke traptreden. Om ons heen horen we de watervallen en af en toe hoppen we over de stenen van een klein stroompje water. Het voelt hier aan als Zuid-Amerika.

De steile afdaling door het regenwoud

Allebei hebben we een trillend been van de afdaling. O jee, als dit het vooruitzicht is voor de rest van de drie dagen… Gelukkig komt de afdaling tot een eind. Als ik achterom kijk zie ik steile kliffen en kan ik bijna niet geloven dat we zover gedaald zijn. Ergens daarboven zijn de mensen van Katoomba nu aan het werk en komen de toeristen uit hun bed om de natuur de bewonderen. We komen op een breed grindpad door het bos, wat langs een hoop privéterreinen loopt.

De 1e dag moesten we echt te veel trappetjes op klimmen

Onze rugzakken zijn op zijn zwaarst en na een aantal trappetjes over een hek heen moeten we onszelf bijna naar boven trekken. Als we bij een groot veld komen, waar ook een wijngaard te zien is, kijk ik toevallig achterom. Wow! De kliffen waarop Katoomba ligt zijn te zien. Een panorama dat niet misstaat in een reisgids is te zien. Dit uitzicht is het allemaal waard! We hadden het bijna gemist!

Een van de vele mooie uitzichten

Eigenlijk hadden we geluk met de tijd van het jaar, en zelfs met het jaar zelf. De vele regen van deze zomer en de afgelopen dagen zorgde ervoor dat we door een prachtige, groene natuur liepen. Het zorgde er ook voor dat we vaak door modder, over gladde stenen en kleine stroompjes water liepen. Ook de riviertjes stonden vrij hoog. Al gauw kwamen we bij zo’n riviertje uit. Starend stonden we aan de waterkant om te kijken of er een manier was om over te steken. Net toen we aan het overleggen waren om onze schoenen maar uit te doen bood een vriendelijke parttime boer aan om met zijn pick-uptruck naar de overkant te komen. Het was zijn terrein en in het weekend kwam hij hierheen om van het platteland en de natuur te genieten. We kregen gewoon een lift om de 10 natte meters over te steken. Wat hadden wij een geluk!

De truck staat nog aan de overkant

Door de Megalong Valley liepen we weer verder. We kregen de eerste stukken omhoog, een voorproefje voor de volgende dag. Het was een prachtige vallei met open stukken en stukken bos.

Daar doen we het nou allemaal voor

Door de Megalong Valley op weg naar het bos

 Langzaam liepen we weer een dichter bos in, waar het pad ineens een stuk smaller werd. Al lang voordat we hem echt goed zien, horen we hem al: Cox River. Ook deze rivier moet overgestoken worden. Bij laag water kun je over de stenen springen. Op het moment is het ook mogelijk om door het water heen te lopen, maar de stroming lijkt erg sterk. Het Department of Lands, dat de route onderhoudt,  heeft hiervoor een oplossing gevonden: Bowtells Swing Bridge. Een gigantische en smalle brug is over het water heen gespannen. Met één persoon tegelijk mag je de rivier oversteken. Carly gaat eerst en ik zie de brug heen en weer schommelen. Als ik er zelf op sta hou ik me stevig vast aan de zijkanten. Die foto vanaf de brug vergeet ik maar snel. Gefocust loop ik over de latten, af en toe eens om me heen kijkend. Aan de overkant nemen we maar even de tijd voor een slok water. Proost! Op de overwinning.

De brug die ons toch even aan het twijfelen bracht. Carly gaat eerst.

Bowtells Bridge betekent voor ons ook dat we er bijna zijn. Nog een stukje lopen, omhoog en omlaag, langs de rivier af en dan komt de camping in zicht.

Bijna bij de camping. De laatste meters langs de rivier af.

Na zo’n 18km te hebben gelopen zien we een lege camping. Net als we tevreden naar ons tentje staan te kijken komen er een paar mensen vanuit de andere richting aangelopen. Al snel volgen er meer. En ja hoor, daar komt de rest van de groep. En zo komen er ineens zo’n 10 award-deelnemers en vier begeleiders opdraven! Nog wat later komen er nog twee heren aan, die al snel besluiten om hun tent maar ver van de groep af op te zetten.

Ons 5 sterren-verblijf in de bush

’s Avonds koken we onze culinaire pasta die we de dag ervoor al helemaal hadden bereid. Het was gewoon helemaal perfect! De pan midden op tafel en aanvallen maar. Lekker eten uit de pan. Niks borden! Na de afwas, even afspoeling onder water uit de regenwatertank en navegen met een nat doekje, zaten we nog even met de begeleiders van de groep te praten. De leider, die vaker groepen begeleid en ook georganiseerde tochten doet, praatte ons moed in voor de volgende dag. Het zou alleen maar klimmen worden, maar volgens hem hadden we de goede instelling. Terwijl de jeugd nog aan het geinen was met sterrenflikkers en oergeluiden produceerde kropen wij om half 8 al ons tentje in. Het werd koud.

Carly warmt de pasta op die we in het hostel hadden voorbereid.

Toen we de volgende dag om 7 uur klaar stonden om te gaan namen we even afscheid. Één van de meisjes uit de groep zat erbij en keek ons met een zuur gezicht aan: “Gaan jullie die kant op lopen? Dat is echt supersteil!” Zeer bemoedigend.

Het begin van dag 2 ziet er nog niet zo moeilijk uit...

We waren alvast gewaarschuwd dat we 3 riviertjes tegen zouden komen die we niet zomaar over konden steken. In het begin van dag 2 kwamen we toevallig al 3 riviertjes tegen. Het water stond hoog, maar we konden onze voeten nog net droog houden. We waren helemaal blij dat het water gezakt was. Daarna verdween de glimlach al snel van onze gezichten want het klimmen begon. De eerste uitdaging was de stijging van 400m de Mini Mini Saddle op. Het vroege opstaan loonde, want al snel zagen we een kangaroo wegspringen. Even later kregen we een groep van 4 te zien. Ze zaten vlakbij in het gras. Het was mistig, dus foto’s maken was moeilijk, maar het was zeker een mooi zicht. Ze sprongen een stukje verderop en begonnen elkaar wat te plagen. Wij bleven dit spektakel natuurlijk aanschouwen. Toen sprongen ze weer verder achter de struiken. Ze leken onze kant op de komen, dus waren we even voorzichtig. Je wil niet ineens een kangaroe voor je neus hebben staan. Je zag de leider de eerste beweging maken en de drie anderen tegelijk volgen. Bij de weg stopten ze en keken ze ons even aan. Daarna hopten drie van hen zo het pad over. De vierde bleef achter. Toen Carly en ik doorliepen durfde hij uiteindelijk zijn vriendjes te volgens. De rest van de dag zat ik met ‘skippy de bushkangaroo’ in mijn hoofd.

De kangaroes op een rijtje

Toen we de Mini Mini Saddle over waren hielden we een welverdiende pauze. We waren superblij want we hadden in recordtijd de berg opgelopen. We lagen voor op schema en vierden dat met een mini-snickers. Al snel bleek dat het maar goed was dat we sneller waren. Die drie riviertjes waar de groep op de camping ons voor waarschuwden kwamen nu pas. Verbijsterd stonden we te kijken naar het water. Van te voren waren we gewaarschuwd voor bloedzuigers, dus we hadden nou niet bepaald zin om onze schoenen uit te trekken. Helaas was dit de enige manier. Balancerend met een rugzak op je rug, je schoenen en camera in je handen, liep je over de pijnlijke en wiebelende stenen. Aan de overkant was het voeten drogen, en sokken en schoenen weer aan. In mijn sok zat inderdaad een bloedzuiger. Geen idee hoe lang die al aan mijn sok hing, maar hij was wel al een beetje dik. Nouja… als die van mij gegeten had dan was dat nu in ieder geval voorbij. En liever op mijn sok dan ergens aan mijn benen hangend. De eerste rivier was best wel eng, wetend dat als je uitglijdt je hele bepakking nat wordt, inclusief je dure camera. Daarna kwamen er nog twee. Maar… missie geslaagd.

Een van de 3 riviertjes die we over moesten steken

Na nummer drie begon klim nummer twee, nog zwaarder dan de eerste. Dit keer zo’n 450m omhoog naar een hoogte van 1km. Daarna zou de weg weer wat langzamer omhoog kruipen naar een hoogte van 1,2km. Er leek geen einde aan de weg te komen. Gelukkig waren Carly en ik aan elkaar gewaagd. We hadden en lekker tempo samen en vonden het allebei niet erg om elkaar af en toe ook even los te laten. We kwamen toch wel weer bij elkaar uit.

Bloemen in de bush

De top van Rain Guage bereiken was echt hemels. Het moeilijkste stuk lag achter ons. Het was de perfecte plek voor onze lunch. Het voelde bijna euforisch. We waren door de hel gegaan en voelden ons nu alsof we in de hemel waren. Nog steeds lagen we op schema. Er begonnen zich wel donkere wolken te vormen boven ons hoofd en als een dreiging begon het te druppelen toen we weer begonnen met lopen. Gelukkig barstte er geen echte bui los en konden we redelijk relaxt het laatste stuk lopen met onze regenponchos aan. Op gegeven moment werd het wel erg saai omdat we een heel lang stuk door hetzelfde bos liepen. Toen we in een iets andere omgeving kwamen waren we al dichtbij onze 2e camping. We hadden 21km gelopen, het meeste ervan klimmend.

De Black Range Campground leek op de eerste camping, met een bushtoilet en twee picknickbanken onder een afdak met watertank. Twee mensen waren al druk bezig met het opzetten van tentjes en het kamp voor een georganiseerde wandelgroep. Carly en ik hadden ook weer in no time onze tent opgezet. Even later liep ik naar het toilet, mijn blik naar beneden gericht om niet in de keutels te stappen die overal lagen. Toen ik mijn hoofd weer optilde zaten drie wallabies me aan te staren. Ik schrok ervan. Ik ben snel terug gelopen om mijn camera te halen. De kleine kangaroes bleven gewoon zitten. Ze staarden me even aan en zagen me waarschijnlijk niet als bedreiging. Daarna gingen ze weer door met grazen. Onze maaltijd van die dag bestond, verrassing, weer uit pasta. Dit keer met een groentesoep erover gegooid. Culinair hoor. 

 

Kangaroes op de camping

 

Dag 3 zou een eitje worden. Men zei wel dat er weer een pittige afdaling in zou zitten waar je knikkende knieën van zou krijgen, maar het was nog maar zo’n 10km, een paar uur lopen. Toen we wakker werden hoorden we de regen op onze tent tikken. Slapen was toch al een uitdaging want we deelden ons bed met een grote backpack, waar we half overheen lagen en de dunne matjes zijn niet bepaald luxe. Na een tijdje besloten we maar alles in onze backpack te doen en te gaan ontbijten onder de overkapping. Toen het even wat minder regende hebben we de tent ingepakt. Om 8 uur waren we klaar om te gaan. De regen maakte niet eens meer uit. We hadden er zin in!

De start van de laatste dag: en we zijn blij!

Naast de regen was ook de mist weer aanwezig. het gaf het bos een spookachtige aanblik. Tot onze schrik zat er nog een pittige klim in de vroege ochtend.

Carly komt langzaam uit de mist.

 

  Na een tijdje wandelen in het bos hoorde ik auto’s. We kwamen bij de grote weg uit. Hier moesten we oversteken naar de andere kant van het bos.

Deze foto moest natuurlijk even gemaakt worden!

Ik was zeer teleurgesteld toen we ineens vlakbij de weg liepen. De weg was steeds binnen 10 meter afstand. Terwijl de weg zelf gewoon vlak bleef moesten wij steeds omhoog en naar beneden door een glooiend landschap en over trappen. En die traptreden waren niet echt leuk met onze zeurende spieren. Toen we bij een aantal vakantiehuisjes kwamen gingen we weer dieper het bos in. De weg was vrij saai totdat we bij de afdaling kwamen. Eerst was de weg nog zo breed dat er een 4 wheel drive zou kunnen rijden, maar daarna werd het smal. We liepen over een richeltje riching vallei. Het uitzicht was weer geweldig, maar ik was meer bezig met het kijken waar ik mijn voeten neer kon zetten. Het pad bestond namelijk uit een hoop losse en natte steentjes waarover je zo de vallei in kon glijden.

Het laatste stukje ging over een smal pad steil naar beneden

  Het pad was steil en we moesten voorzichtig zijn, maar knikkende knieën gaf het ons niet. Voor we het wisten waren we bij een boog waardoor we zicht hadden op ontzettend blauw water. Toen ik op de kaart keek en erachter kwam dat we nog maar 10 minuten te gaan hadden kwamen ook wat dagtoeristen de hoek om lopen. We waren er gewoon! Dit waren de wandelpaden die bij de Jenolan Caves hoorden. Geen primitieve paadjes meer.

Halleluja! Nog 10 minuten naar beneden lopen en we zijn er!

 Bij de boog kwamen we ook een jongen tegen die schijnbaar de hele tijd ergens achter ons heeft gelopen. Hij vroeg ons hoe we terug naar Katoomba gingen. Hij had de Six Foot Track in twee dagen gelopen. Wij waren van plan een lift te zoeken. We hadden namelijk geen zin om 40 dollar voor de toeristenbus te gaan betalen. Onze lift terug was zo al geregeld voordat we beneden waren. Beneden kwamen we eerst twee mannen van de camping tegen die aan een bakje koffie zaten. Daarna zwaaide de jongen naar ons. Hij was de vrouw tegengekomen die hem ook had afgezet bij het begin van de route. Hij had even mooi geregeld dat zij hem en ook ons mee terug nam naar Katoomba. We moesten wel even wachten totdat ze terug kwam van haar bezoek aan de grotten. Ondertussen konden we genieten van een heerlijke lunch. Wat kunnen boterhammen met de goedkope versie van Nutella toch lekker zijn!

In Katoomba hebben we genoten van een warme douche en zijn daarna richting Irish Pub gegaan. Wat hebben we heerlijk gegeten!

Een welverdiende maaltijd in de kroeg!

Advertenties

4 thoughts on “Backpackers in de bush

  1. HoI Andrea,

    Jouw verslag leest als een groot avontuur. Petje af wat julli gepresteerd hebben.
    Als oma dit leest zal ze wel zeggen dat juliie niet goed wijs zijn.

    Alvast veel plezier voor je volgende uitdaging.

    Groetjes Karin, opa en oma

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s